Posts tonen met het label Toekomst. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Toekomst. Alle posts tonen

vrijdag 2 november 2012

Hebben dieren een besef van tijd?



Ratten kunnen zich herinneren dat ze voorbij een stuk kaas passeerden. Ze kunnen in tegenstelling tot mensen die herinnering niet in de tijd plaatsen, concluderen William Roberts en zijn collega’s van de universiteit van Western Ontario.

De onderzoekers plaatsten een groep ratten in een labyrint en lieten ze langs de verschillende delen passeren. Op sommige delen waren grote hoveelheden kaas geplaatst, op andere minder of geen. Daarna werd de kaas verwijderd of vervangen door uitwerpselen. De onderzoekers wilden te weten komen of de ratten zich konden herinneren waar het meeste kaas had gelegen, hoe lang geleden dat was of een combinatie van beide.

Wat bleek? De ratten konden zich enkel herinneren waar ze de kaas hadden gezien. Maar het moment waarop dat was gebeurd konden ze zich niet herinneren.

‘De ratten herinneren zich of ze iets hebben gedaan, zoals voedsel verbergen, vijf uur geleden of vijf dagen geleden,’ aldus Roberts. 'Hoe meer tijd voorbij gaat, hoe vager die herinnering wordt. Wat ze zich niet kunnen herinneren is op welk specifiek moment in het verleden het verbergen gebeurde.’

Eerdere studies gaven aan dat ratten zich herinnerden dat ze voedsel hadden verborgen maar uit dat onderzoek kon niet worden opgemaakt of de dieren daarbij een tijdstabel konden produceren.

'Het onderzoek,' besluit Roberts, 'ondersteunt de theorie dat dieren verloren zijn wat betreft de tijd en dat 'toekomst' en 'verleden' voor hen betekenisloze begrippen zijn.’

Bron: Express.be

Ons lichaam lijkt in staat om de toekomst te voelen

Geschreven door:



Kan ons lichaam zich voorbereiden op toekomstige gebeurtenissen als er in onze omgeving geen enkele aanwijzing is dat die gebeurtenissen gaan plaatsvinden? Ja, zo suggereert nieuw onderzoek. Het lijkt erop dat ons lichaam stukjes van de toekomst kan voelen.

Het wordt ook wel presentiment genoemd, waarmee zoiets wordt bedoeld als ‘het voelen van de toekomst’. Wat daar precies mee wordt bedoeld, legt onderzoeker Julia Mossbridge uit aan de hand van een voorbeeldje. Stel: u zit op uw werk stiekem een computerspelletje te spelen. Ook heeft u een koptelefoon op. U kunt uw baas dus niet aan zien of horen komen. Stel nu dat u heel goed naar uw lichaam luistert. “Dan kun je in staat zijn om deze anticiperende veranderingen tussen twee en tien seconden voordat de baas binnenkomt op te merken en je videospelletje af te sluiten. Je hebt wellicht zelfs de tijd om dat spreadsheet waar je eigenlijk aan moet werken te openen en als je geluk hebt, kun je dat allemaal doen voordat je baas binnenkomt.”
 
Hoewel het fenomeen vaak met de term presentiment wordt aangeduid, is dat niet de term die Mossbridge graag gebruikt. “Ik spreek liever over ‘afwijkende anticiperende activiteit’. Het fenomeen is afwijkend, omdat we het met ons hedendaagse begrip van hoe de biologie werkt niet kunnen verklaren, alhoewel verklaringen die verband houden met recente kwantumbiologische resultaten wellicht duidelijkheid kunnen scheppen. Het is anticiperend, omdat het toekomstige fysiologische veranderingen in reactie op een belangrijke gebeurtenis zelfs zonder aanwijzingen lijkt te kunnen voorspellen. En het is een activiteit, omdat het bestaat uit veranderingen in het hart, de huid en het zenuwstelsel.”

Bron: Scientias.nl

donderdag 17 mei 2012

Hersengolven als besturingssysteem

Afbeelding

Weinig mensen zijn zich bewust van het feit dat hun lichaam slechts het verlengde is van hun hersenen. Het zijn die hersenen die voor ons bepalen wat we denken, voelen, 's nachts dromen, hoe we ons moeten gedragen of op dingen reageren, enzovoorts.

De mens is dermate sterk met dat lichaam vergroeid dat men nog minder bewust is dat men meer kan zijn dan enkel en alleen dat brein en lichaam. Wat met ‘meer’ wordt bedoeld is dan ook een vraagteken voor de enkeling: de meerderheid – ik spreek over 99,99% van de mensheid – is daarin niet geïnteresseerd. Door onwetendheid, misschien? Of gebrek aan interesse?

De overige 0,01% is nochtans nog een altijd een groot aantal mensen. Ik bedoel: indien je rekening houdt met alle 7 miljard aardbewoners.

Nu is men bijna zo ver dat men - via een chip in het brein geïmplanteerd – de spieren, die de ledematen besturen, niet meer nodig heeft. Anders gezegd: de mensmachine wordt een betere robot doordat het brein signalen kan doorgeven en dingen kan laten bewegen zonder gebruikmaking van die ledematen.

Een voorbeeld: een persoon staart op een computerscherm en in de verbeelding beweegt hij de cursor op het scherm. De geïmplanteerde chip vangt dat signaal op, verstuurt het naar een aangesloten toestel, het signaal gaat doorheen een computer, en het pijltje beweegt... zonder de muis te moeten aanraken.

De firma ‘Braingate’ ontwikkelde zo'n chip die hersengolven opvangt en interpreteert: in eerste instantie een oplossing voor mensen met verregaande fysieke beperkingen.

Niet enkel computers, maar ook bijvoorbeeld handprotheses zijn - dankzij de chip en technologie - te activeren. Het geheel staat natuurlijk nog in zijn kinderschoenen, en hoogstwaarschijnlijk komt er ook een draadloos systeem op de markt.

Kortom: de kans is groot dat het brein van de mens binnen 50 à 100 jaar het lichaam bijna niet meer nodig heeft om op een computer te werken, een machine te besturen, of met een auto rond te rijden. Misschien ook om de dingen in de onmiddellijke omgeving op een telepathische manier te manipuleren? Wie weet!?

Wat zijn de mogelijkheden indien verschillende mensen met zo'n chip onder hun schedeldak rondlopen? Zouden ze elkaar niet op een 'telepathische ' manier kunnen aanspreken?...

Natuurlijk moet dat lichaam zich nog kunnen voortbewegen, wil het brein niet op één plaats blijven vaststeken. Waarvoor hebben de hersenen anders dat lichaam nodig?

Soms is sciencefiction reëler dan we ons met onze hersenen kunnen indenken. Maar nu, nu dat we deze informatie in ons brein hebben gestopt, kan het er iets mee aanvangen. Wat er inzit, komt er uit.

donderdag 3 mei 2012

Geloof in toekomst bepalend voor het geluksgevoel


Personen die in een rooskleurige toekomst geloven, voelen zich ook in het heden het meest gelukkig. Dat is de conclusie van een onderzoek in Australië en China onder leiding van wetenschappers aan de University of Queensland. De onderzoekers merken op dat het individu zich het beste blijkt te voelen wanneer verwacht wordt dat er nog heel wat goede dingen in het verschiet liggen. Er wordt aan toegevoegd dat het individu veel minder door spijt wordt beheerst dan tot nu toe vaak werd aangenomen.

"Het individu overschat de positieve vooruitzichten voor de toekomst," merkt onderzoeksleider Paul Frijters op. "Deze rooskleurige vooruitzichten blijken cruciaal te zijn voor de tevredenheid over de huidige situatie." De onderzoekers stelden vast dat de verwachting over de toekomstige gezondheidstoestand ongeveer één zesde van het effect op de actuele tevredenheid heeft dan de huidige daadwerkelijke gezondheidssituatie.

De onderzoekers merkten ook op dat vijfendertigplussers en vrouwen geneigd waren om een groter belang toe te kennen aan hun toekomstige gezondheid dan mannen en jongere respondenten. Voor deze laatste groepen vormde de toekomstige gezondheid geen factor voor geluk. Professor Frijters wijst er ook op dat in China de armste bevolkingsgroepen, gevestigd op het platteland, zich het meest gelukkig voelden, dankzij de extreem hoge verwachtingen rond hun toekomstige inkomen.

De minst gelukkige inwoners van China moeten volgens de onderzoekers worden gezocht bij de groep die van het platteland naar de steden is verhuisd. "Hoewel deze groep meer dan het dubbele verdient van de landelijke bevolking, ligt het tevredenheidsniveau er gevoelig lager," voert Paul Frijters aan. Dat heeft volgens de onderzoekers te maken het verwachtingen die niet werden ingevuld. (MH)

Bron: Express.be

maandag 12 december 2011

'Kinderen die dit jaar geboren worden, worden 100 jaar'

© THINKSTOCK

'Als je naar de demografische ontwikkeling kijkt, kan je afleiden dat de levensverwachting iedere 10 jaar met 3 jaar toeneemt. Kinderen die dit jaar geboren worden, worden dus ruim 100 jaar.' Dat stelt hoogleraar ouderengeneeskunde Rudi Westendorp.

'Je kan nu bijvoorbeeld al knieën en ooglenzen vervangen als ze defect zijn. Er wordt gewerkt aan een kunstnier. Ouderdom is verval. Als je dat verval kan aanpakken, kunnen mensen in theorie heel oud worden', aldus Westendorp vandaag, hoogleraar ouderengeneeskunde en directeur van de Leyden Academy on Vitality and Ageing, het instituut dat morgen een lezing organiseert.

Pensioenleeftijd naar 75

Westendorp zal spreken op de lezing en neemt een iets conservatievere stelling in dan zijn collega. 'De eerste mens die 1000 wordt, is al onder ons', is de mening van ouderdomsprofessor Aubrey de Grey die hij zal betogen tijdens de lezing in Leiden. Door het oplossen van medische problemen zou dit mogelijk zijn.

Volgens Westendorp is het juist zaak om in dat licht naar de levensloop van die kinderen te kijken. 'Dat we het nu hebben over een pensioenleeftijd van 65, 66, 67 jaar, dat gaat nergens over. We moeten kijken naar de mogelijkheid om tot 75 jaar te werken. Wat moeten die mensen anders allemaal doen in al die jaren die hun nog resten na hun pensionering?'

Geen koploper meer

Sommige gezondheidsproblemen die in het verleden speelden, zijn nu geen issue meer. '100 jaar geleden werd Nederland volgebouwd met sanatoria. Al die gebouwen worden nu gebruikt als congrescentra omdat ze niet meer nodig zijn. Tuberculose is geen probleem meer. Zo werken we op dit moment ook aan oplossingen voor problemen als dementie. 'We moeten alleen oppassen dat we niet doorschieten, dat we niet blijven behandelen tegen beter weten in.'

Overigens heeft Nederland het ooit beter gedaan op het gebied van levensverwachting. 'We waren ooit koploper, maar die positie zijn we kwijtgeraakt. Dat komt vooral omdat we in Nederland veel te veel roken', aldus Westendorp. Mensen in Japan hebben momenteel de hoogste levensverwachting. (ANP/Redactie)

Bron: AD.nl