Posts tonen met het label biologie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label biologie. Alle posts tonen

zondag 13 januari 2013

Vriendschap tussen man en vrouw, kan dat?

 
Platonische vriendschappen tussen mannen en vrouwen zijn mogelijk. Als je een vrouw bent. Bij mannen is seksuele of fysieke aantrekking vrijwel altijd een factor. Dat is de conclusie van een nieuwe psychologische studie over platonische vriendschappen waarover webmagazine Vice bericht.
 
De resultaten van een studie zijn niet bijster verrassend, maar wel amusant. Tientallen koppels die er enkel een vriendschappelijke relatie op nahielden werden apart ondervraagd over hun vriendschap en hun aantrekking tot elkaar. Daaruit bleek:
 
Op een schaal van 1 (niet) tot 9 (zeer sterk) situeren mannen hun aantrekking tot hun vriendinnen op 4,94, vrouwen schatten hun aantrekking tot mannen gemiddeld rond 3,97 in.
 
Mannen dachten dat hun vriendinnen zich veel meer aangetrokken voelden tot hen dan in werkelijkheid het geval was.
 
Vrouwen dachten dat hun mannelijke vrienden minder fysische aantrekking tot hen voelden dan de statistieken aangeven.
 
Vrouwen voelen zich dus minder aangetrokken tot hun vrienden en gaan ervan uit dat die dat ook niet zijn. Mannen aan de andere kant hebben de indruk dat hun vriendinnen een relatie met hen willen, al repliceren ze niet altijd dat gevoel.
 
Andere opmerkelijke conclusies uit het onderzoek:
  • Vrouwen vinden gebonden mannen minder aantrekkelijk.
  • Mannen voelen zich meer seksueel aangetrokken tot een vrouw als die al een partner heeft.
  • Hoe ouder men wordt, hoe groter alle vermelde verschillen tussen mannen en vrouwen worden.
 
De oorzaak voor deze verschillen is volgens de onderzoek deels biologisch (de mannelijke paringsdrift en het vrouwelijke moederinstinct) en deels cultureel. te verklaren.
 

dinsdag 18 december 2012

Wetenschappers ‘knijpen’ kwaadaardige cel totdat ‘ie zich weer netjes gedraagt



Wetenschappers hebben ontdekt dat druk uitoefenen op kwaadaardige cellen in de borst ervoor kan zorgen dat ze zich weer normaler gaan gedragen en ook een normaal groeipatroon vertonen. Het is voor het eerst dat mechanische kracht alleen voldoende blijkt te zijn om de ongecontroleerde groei van kankercellen te stoppen.

Gedurende het leven van een vrouw verandert borstweefsel voortdurend. Onder invloed van haar cyclus groeit, krimpt en verandert het op een georganiseerde manier. Bijvoorbeeld wanneer ze zwanger raakt en na de bevalling borstvoeding gaat geven. De cellen vormen dan een cluster dat doet denken aan de structuur van een framboos. Gezonde borstellen roteren, wanneer ze zo’n georganiseerde structuur vormen en stoppen met groeien wanneer dat moet. Maar kankercellen gedragen zich anders. Zij vormen niet zulke mooi samenhangende structuren. Ook hebben ze geen normaal groeipatroon: hun groei verloopt ongecontroleerd.

Mechanische inbreng

“Wat wij nu laten zien is dat de organisatie van weefsel in de beginfase van diens groei en ontwikkeling gevoelig is voor mechanische inbreng,” vertelt onderzoeker Daniel Fletcher. “Een vroeg signaal, in de vorm van samenpersing, lijkt ervoor te zorgen dat deze kwaardaardige cellen weer op het juiste spoor belanden.”

Goed

Maar zijn de cellen daarmee ook direct weer ‘goed’? Of vormen ze dan nog steeds een gevaar. Wanneer wij denken aan de ontwikkeling van een kankercel, dan denken we aan genetische mutaties in de cel. Maar recent onderzoek heeft aangetoond dat een kwaadaardige cel niet voorbestemd is om een tumor te worden. Of de cel een tumor wordt, is afhankelijk van de interactie tussen de cel en zijn micro-omgeving. En dat onderzoek ging zelfs nog een stapje verder: door die omgeving te manipuleren, bijvoorbeeld door biochemische stofjes in te brengen die de kwaadaardige cellen afremmen, kunnen we de gemuteerde cellen ‘temmen’ en ervoor zorgen dat ze zich normaal gedragen.

Samendrukken

Dit nieuwe onderzoek laat nu zien dat chemische stoffen niet de enige oplossing voor het probleem van kwaadaardige cellen zijn. Ook mechanische druk kan kwaadaardige cellen beïnvloeden. Door ze samen te drukken, dwingen onderzoekers de cellen weer op het rechte spoor. Op de afbeelding helemaal bovenaan dit artikel is dat goed te zien. Links ziet u een cluster kwaadaardige cellen die niet aan druk zijn blootgesteld. Het cluster is ongeorganiseerd en groot. Rechts ziet u een cluster kwaadaardige cellen die wel zijn samengedrukt: het is veel georganiseerder en kleiner.

Gewichtheffen

“Mensen weten al eeuwen dat fysieke kracht invloed heeft op onze lichamen,” stelt onderzoeker Gautham Venugopalan. Een bekend voorbeeld daarvan treffen we in de sportschool aan. “Wanneer we gewichtheffen, worden onze spieren groter.” Maar er zijn meer voorbeelden te noemen. Denk bijvoorbeeld aan de zwaartekracht die ervoor zorgt dat onze botten sterk blijven. “Hier laten we zien dat fysieke kracht ook een rol kan spelen in de groei – en ommekeer – van kankercellen.”

Wat betekent dit nu heel concreet voor de behandeling van borstkanker? Op dit moment nog niet veel. “Samenpersing is op zichzelf waarschijnlijk geen behandeling,” stelt Fletcher. “Maar het geeft ons wel nieuwe aanwijzingen in de zoektocht naar moleculen en structuren die wellicht wel interessant zijn om tijdens behandelingen aan te vallen.”

Geschreven door: Caroline Kraaijvanger

Bron: Scientias.nl

vrijdag 2 november 2012

Ons lichaam lijkt in staat om de toekomst te voelen

Geschreven door:



Kan ons lichaam zich voorbereiden op toekomstige gebeurtenissen als er in onze omgeving geen enkele aanwijzing is dat die gebeurtenissen gaan plaatsvinden? Ja, zo suggereert nieuw onderzoek. Het lijkt erop dat ons lichaam stukjes van de toekomst kan voelen.

Het wordt ook wel presentiment genoemd, waarmee zoiets wordt bedoeld als ‘het voelen van de toekomst’. Wat daar precies mee wordt bedoeld, legt onderzoeker Julia Mossbridge uit aan de hand van een voorbeeldje. Stel: u zit op uw werk stiekem een computerspelletje te spelen. Ook heeft u een koptelefoon op. U kunt uw baas dus niet aan zien of horen komen. Stel nu dat u heel goed naar uw lichaam luistert. “Dan kun je in staat zijn om deze anticiperende veranderingen tussen twee en tien seconden voordat de baas binnenkomt op te merken en je videospelletje af te sluiten. Je hebt wellicht zelfs de tijd om dat spreadsheet waar je eigenlijk aan moet werken te openen en als je geluk hebt, kun je dat allemaal doen voordat je baas binnenkomt.”
 
Hoewel het fenomeen vaak met de term presentiment wordt aangeduid, is dat niet de term die Mossbridge graag gebruikt. “Ik spreek liever over ‘afwijkende anticiperende activiteit’. Het fenomeen is afwijkend, omdat we het met ons hedendaagse begrip van hoe de biologie werkt niet kunnen verklaren, alhoewel verklaringen die verband houden met recente kwantumbiologische resultaten wellicht duidelijkheid kunnen scheppen. Het is anticiperend, omdat het toekomstige fysiologische veranderingen in reactie op een belangrijke gebeurtenis zelfs zonder aanwijzingen lijkt te kunnen voorspellen. En het is een activiteit, omdat het bestaat uit veranderingen in het hart, de huid en het zenuwstelsel.”

Bron: Scientias.nl

woensdag 10 oktober 2012

Verborgen schatten in het junk-DNA

Een internationaal team van honderden wetenschappers heeft zich gestort op het ontrafelen van de geheimen van het zogeheten junk-DNA.

Stukken DNA in het genoom die voorheen junk-DNA werden genoemd omdat men dacht dat ze geen functie hadden, blijken in feite een complex ‘controlepaneel’ voor onze genen te vormen.

De studie leidt naar verwachting tot nieuwe medische behandelingen omdat gebieden in het genoom kunnen worden aangewezen die ziektes zoals kanker veroorzaken.

Encode

Bepaalde ‘schakelaars’ zijn al geassocieerd met 100 ziektes waaronder de ziekte van Crohn, kinderdiabetes en schizofrenie. Slechts één tot twee procent van ons genoom bevat genen, stukken van ons DNA die instructies dragen voor de vorming van eiwitten waar cellen uit bestaan.

Van het resterende deel van het genoom, met name gebieden die ver van de genen verwijderd zijn, werd altijd gedacht dat het geen doel had. Het werd junk-DNA genoemd.

Tijdens het nieuwe project, Encode genaamd, ontdekten wetenschappers dat 80 procent van de ‘junk’ helpt bepalen hoe en waar eiwitten worden aangemaakt.

Verbaasd

Ze vonden vier miljoen gebieden die dienen als ‘schemerschakelaar’ voor individuele genen. Die bepalen hoe actief of inactief de genen zijn.

Experts van 32 instituten hebben hun bevindingen in 30 academische publicaties verspreid over drie wetenschappelijke tijdschriften. Ze hebben een gedetailleerde kaart gemaakt van de vier miljoen stukken van het DNA die onze genen reguleren.

De afgelopen 20 jaar begonnen wetenschappers zich te beseffen dat junk-DNA een bepaalde functie moest hebben omdat het onze vatbaarheid voor ziektes leek te beïnvloeden. De onderzoekers zeiden verbaasd te zijn hoeveel delen van het genoom een actieve rol spelen.

Oerwoud

“We wisten altijd al dat het junk-DNA meer moest zijn, maar ik verwachtte nooit zo veel schakelaars te ontdekken,” zei Dr. Ewan Birney van de Cambridge-universiteit. “Het lijkt daar op een oerwoud. Het barst van het leven.”

Door vast te stellen hoe de ‘schakelaars’ werken kunnen wetenschappers kijken hoe mutaties van het genoom kunnen leiden tot ziektes en nieuwe behandelingen ontwikkelen.

De aankomende vijf jaar worden de data, die gepubliceerd zijn in Nature, Genome Biology en Genome Research, gebruikt om ziektes opnieuw te categoriseren.



Bron: Telegraph.co.uk via Niburu.nl

maandag 9 januari 2012

Zelfbewuste vrouwen krijgen dochters

UTRECHT – Een groep Japanse en Britse wetenschappers denkt te hebben ontdekt dat vrouwen onbewust invloed kunnen uitoefenen op het geslacht van hun ongeboren kinderen.

Fitte en succesvolle vrouwen zouden ‘verwachten’ dat de kans groot is dat hun kinderen het relatief goed zullen doen wanneer dit ook vrouwen zijn.

Als de aanstaande moeders zelf echter een dominante vader hebben, gaat de voorkeur uit naar een zoon. In dat geval is de kans namelijk relatief groot dat het overgedragen genenpakket optimaal tot recht komt in een mannelijke lijn.

Blijkbaar, zo beweren de onderzoekers, kunnen organismen via een nog onbekende route enige sturende invloed uitoefenen op het geslacht van hun nakomelingen.

Evolutionair valt deze wens in elk geval te verklaren. De kans dat een gezond en succesvol nageslacht zelf ook weer tot voortplanting komt, is immers groter. Het beheersen van de selectietruc zorgt er daarmee voor de soort makkelijker kan overleven.

Meeltorren

De wetenschappers ontdekten het verband door bestudering van een populatie meeltorren, maar denken zelf dat het gaat om een biologisch mechanisme dat universeel voorkomt bij dieren – en daarmee waarschijnlijk ook bij zoogdieren en mensen.

De resultaten zijn te lezen in een op zondag verschenen publicatie van het wetenschapsblad Ecology Letters.

Bron: NU.nl

woensdag 14 december 2011

Droom is levensecht voor ons brein

Geschreven door Caroline Hoek


Wanneer we in onze droom bewegen dan gebeurt in ons brein bijna hetzelfde als wanneer we echt bewegen, zo blijkt.

De onderzoekers verzamelden mensen die getraind waren om hun dromen tot op zekere hoogte te controleren. Dat wil zeggen dat deze mensen zich tijdens hun dromen bewust konden worden van het feit dat ze droomden en dan de droom konden beïnvloeden.

Dromen

De proefpersonen kregen de opdracht om te dromen dat ze iets in hun linkerhand klemden. De proefpersonen werden in een hersenscanner gelegd en vielen in slaap. Zodra ze droomden, moesten ze dat aan de onderzoekers laten weten door hun ogen tweemaal van links naar rechts te bewegen. De onderzoekers checkten daarop of de proefpersonen zich echt in de REM-slaap bevonden en begonnen daarna een scan van de hersenen te maken.
Motorische cortex

Twee van de vijf proefpersonen konden ondanks het lawaai van de scanner daadwerkelijk dromen en hun dromen beheersen. Maar deze twee proefpersonen leverden wel dezelfde conclusies op. Het deel van de motorische cortex dat bewegingen van de linkerhand regelde, lichtte in beide proefpersonen op. En niet één keer: maar twee keer in twee verschillende dromen. Het brein vertoont dezelfde activiteit als wanneer we echt iets in onze hand klemmen.

Geen film

Volgens onderzoeker Martin Dresler bewijst dat dat een droom geen film is die zich voor onze ogen afspeelt, maar dat ons hele lichaam erbij betrokken is. Opvallend genoeg was de motorische cortex wel actief, maar het deel van de hersenen dat moet beslissen om een arm of hand echt te bewegen niet. “Ze (de proefpersonen, red.) moeten geweten hebben dat ze niet echt bewogen,” meent expert Allen Braun.

Uit nader onderzoek met meer proefpersonen moet blijken wat er in de hersenen gebeurt als mensen in hun droom vliegen of praten. De resultaten van het huidige onderzoek zijn terug te vinden in het blad Current Biology.

Bron: Scientias.nl