Posts tonen met het label natuur. Alle posts tonen
Posts tonen met het label natuur. Alle posts tonen

zondag 25 november 2012

Rampenporno: waarom zijn we zo gefascineerd door vernieling?



Waarom zijn we zo gefascineerd door de foto’s en video’s van het spoor van vernieling dat de orkaan Sandy heeft getrokken? Drijvende auto’s, vallende kranen,zinkende schepen, het is verschrikkelijk, maar op een bizarre manier ook zeer entertainend. Op zijn Reutersblog probeert Jack Schafer onze aantrekking tot ‘rampenporno’ te verklaren.

Voelen we schaamte wanneer we foto’s en video’s van rampen delen? Ergens wel, schrijft Schafer, maar dit schrikt ons niet af en versterkt zelfs onze drang om steeds sensationelere beelden te zoeken en te delen. De onderliggende verklaring voor dit gedrag staat in het boek ‘Everyone Loves a Good Train Wreck: Why We Can’t Look Away’ van Professor Eric C. Wlson:

Spanning, gevaar en rampen doen ons beseffen dat we leven. We houden van deze dingen (op tv, in boeken en in het echte leven) en gaan er vaak actief naar op zoek.

Deze morbide nieuwsgierigheid is een overblijfsel van ons primair overlevingsinstinct. Informatie inwinnen over gevaar en potentieel gevaar helpt ons namelijk om te overleven.

Dezelfde impuls zit ook achter onze liefde voor gruwelijke fabels, horrorfilms, films als ‘Faces of Death’ en schokwebsites als Ogrish en LiveLeak. Vooral jongeren voelen zich hiertoe aangetrokken omdat ze het zien als een soort van overgang naar de volwassenheid.

Anderen zien lijden of een catastrofe aanschouwen windt ons in ons diepste zijn op. Mensen creëren en vernietigen. In de vernietigende kracht van een orkaan zien we de kracht van de natuur op zijn best.

Er zijn wel degelijk limieten aan onze aantrekking voor zulke beelden. Onze ‘morbide nieuwsgierigheid’ kan immers omslaan in trauma als de beelden te schokkend zijn. Er zijn echter twee manieren waarop we de schok van zulke beelden beter kunnen verwerken. Ook na Sandy zien we deze patronen opnieuw opduiken:

Gruwelijke beelden in groep bekijken (of ze delen met vrienden, collega's of familie).

Een coherent verhaal vinden en context geven aan de beelden van vernieling en terreur.

Bron: Express.be

vrijdag 2 november 2012

Vrouwelijke Tarzan: "Ik ben in jungle opgevoed door apen"


Marina Chapman mag nog altijd graag in bomen klauteren.

De Britse huisvrouw Marina Chapman werd door kapucijnapen in Colombia 'opgevoed' nadat ze als vijfjarig kind werd ontvoerd en in de jungle achtergelaten. Vijf jaar lang woonde ze bij de apen, tot ze door jagers werd ontdekt die haar verkochten aan een bordeel. Ze heeft er een boek over geschreven.

De kapucijnapen leerden de kleine Marina hun gewoontes en vaardigheden.
In 'The Girl With No Name: The Incredible True Story of the Girl Raised by Monkeys' doet Champan haar wild sprookjesverhaal uit de doeken.

Voor dood achtergelaten

Chapman werd ontvoerd toen ze vijf was, vermoedelijk voor losgeld. Haar ontvoerders lieten haar echter voor dood achter in de jungle. Daar werd ze naar eigen zeggen geadopteerd door de kapucijnapen. Die gaven Marina te eten en hielpen haar om zich aan hun levensstijl aan te passen.

Nadat ze ongeveer vijf jaar bij de apen had geleefd, werd Marina ontdekt door jagers en verkocht aan een bordeel. In haar tienerjaren werd ze dienstmeid. Toen ze in de twintig was, ontmoette ze haar toekomstige man tijdens een vakantie in Engeland. Ze kregen samen twee kinderen.

Kinderlijk

"Als we te eten wilden, moesten we geluiden maken zoals de apen die ze had gekend", stelt haar dochter in de Sunday Times. "Mijn schoolvrienden waren dol op mama omdat ze zo ongewoon was. Ze was kinderlijk, op heel veel manieren".

Na-apen

Andrew Lownie, de agent van Chapman, verklaart: "Marina stond als kind oog in oog met een twintigtal nieuwsgierige kapucijnapen. Door de dieren te volgen en na te doen wat zij deden, wat ze aten en dronken, werd Marina een lid van de familie. Ze leerde hoe de dieren met elkaar omgingen en ook hun taal maakte ze zich eigen. Ze vochten, speelden en deelden zowel tedere als angstwekkende ervaringen. Marina leerde in bomen klimmen zoals geen andere mens het kan. Ze kan zich verstoppen als de besten en kan communiceren met dieren".

Hoewel de vrouw inmiddels een 'normaal' leven heeft in Engeland, mag ze nog altijd graag in bomen klauteren, vogels en konijnen met haar blote handen vangen of koeien melken.

Marina Chapman mag als een 'wild kind' beschouwd worden, een menselijk kind dat tijdens de vormingsjaren zonder menselijk contact opgroeide.

Verhalen over wilde kinderen zijn zeldzaam maar steevast verbluffend. Zo leefde Oxana Malaya, beter bekend als 'het Oekraïense hondenmeisje' vijf jaar lang met een roedel wilde honden. In Zuid-Afrika, zo meldt National Geographic, groeide een jongen op met een troep bavianen.
 
Bron: HLN.be 

woensdag 27 juni 2012

'Bloemen helpen bij depressie'

BAARN - Wetenschappers van de University of Copenhagen hebben ontdekt dat bestanddelen van bepaalde Zuid-Afrikaanse bloemen de bloed-hersen-barrière kunnen passeren. Mogelijk kunnen deze stoffen een sleutelrol spelen in de behandeling van depressies.



De bloed-hersen-barrière beschermt de hersenen tegen ongewenste stoffen, onder andere door middel van transporters die indringers buiten houden. De barrière houdt ook sommige medicatie tegen, waardoor hij een groot probleem vormt bij het behandelen van hersenaandoeningen zoals depressies.


​Bloed-hersen-barrièreBirger Brodin onderzocht de invloed van verschillende stoffen op transporters in de hersenen. Volgens de onderzoeker kunnen stoffen uit de Zuid-Afrikaanse haaklelie en cyrtanthus wel de bloed-hersen-barrière passeren. Deze stoffen kunnen dan ook mogelijk gebruikt worden om medicatie naar de hersenen te vervoeren. "Sommige bestanddelen van planten kunnen mogelijk langs de barrière gesmokkeld worden", aldus Brodin.

Het onderzoek is gepubliceerd in het Journal of Pharmacy and Pharmacology.

Door: Jolanda Niemantsverdriet

woensdag 20 juni 2012

Bomen doen misdaad dalen



(IPS) Hoe meer bomen een stad heeft, hoe lager de misdaad er is. Dat blijkt uit Amerikaans onderzoek.

Onderzoekers van de Universiteit van Vermont en de Amerikaanse Bosdienst bestudeerden de misdaadcijfers in de stad Baltimore en de zone errond en legden die naast hogeresolutiebeelden van het bladerdak in en rond de stad. Ze stelden vast dat er minder diefstallen, inbraken, overvallen en schietpartijen plaatsvonden naarmate er meer bomen stonden. Tien procent meer bomen deed de misdaad met 12 procent dalen. Staan de bomen op het openbare domeinen, dan is het effect nog groter.

De onderzoekers bieden geen verklaring voor het verband tussen bomen en misdaad. Maar twee jaar geleden, tijdens een gelijkaardig onderzoek, wees econoom Geoffrey Donovan van de Amerikaanse Bosdienst op de vermoedelijke oorzaak: "We menen dat grote straatbomen misdaad kunnen doen dalen doordat ze een potentiële crimineel het signaal geven dat er beter gezorgd wordt voor de buurt en dat daarom de kans groter is dat hij wordt gepakt."

De bevindingen van het nieuwe onderzoek zijn gepubliceerd in het tijdschrift Landscape and Urban Planning.

Bron: MO.be

donderdag 17 mei 2012

Biodiversiteit goed voor de gezondheid

AMSTERDAM – Hogere biodiversiteit in de omgeving zorgt voor meer diverse bacteriën op en in het menselijk lichaam.
 
Een diverse bacterieflora is goed voor de weerbaarheid tegen bijvoorbeeld allergieën.

De afnemende biodiversiteit in de wereld zou dus wel eens nadelig kunnen zijn voor de volksgezondheid. Finse onderzoekers presenteren deze conclusie maandag in PNAS.
De wetenschappers van de universiteit van Helsinki onderzochten 118 tieners uit diverse omgevingen in het oosten van Finland. Ze bekeken de omgeving waarin zij leven, de diversiteit van de bacteriën op de huid en de gevoeligheid voor allergieën.

Lees verder op: NU.nl

donderdag 3 mei 2012

Tips voor uw eigen, eetbare Hof van Eden

De economische situatie in Nederland is er niet veel beter op geworden de laatste tijd. We hebben minder vertrouwen voor de toekomst, de hoop op een goede oudedagsvoorziening wordt de grond in geboord en concreet: ons eten wordt duurder. Niet gek dus veel mensen het heft in eigen handen nemen en de moestuintjes als paddenstoelen uit de grond schieten. Maranke Spoor van Permacultuur School Nederland geeft tips voor een duurzame tuin.

Sinds Geoff Lawton met zijn Permaculture Research Institute een wereldwijd netwerk van gecertificeerde studenten opleidde, is de manier van tuinieren op veel plekken drastisch veranderd. Met zijn ecologische aanpak van permacultuur kon Lawton van dorre woestijnen groene oases maken en leerde hij mensen overal ter wereld zelf hun voedsel te verbouwen op een duurzame manier. Iets waaraan steeds meer behoefte is, gezien de voedselprijzen en de toenemende schaarste.
‘Permacultuur is een ontwerpsysteem waarmee je natuurlijk ecosystemen nabouwt met een functie voor de mens.’
Maranke Spoor, Permacultuur School Nederland
Image
Maranke Spoor aan het werk
Ook in Nederland is deze methode doorgedrongen. ‘De Permacultuur School Nederland bestaat al negen jaar,’ zegt docent Maranke Spoor trots. ‘Dankzij de crisis hebben we weer volle wind in de zeilen.’ Spoor, die een juridische achtergrond heeft, is op het platteland geboren en heeft van haar passie haar beroep gemaakt. In verschillende landen heeft ze certificaten gehaald op het gebied van permacultuur. Wij vroegen haar om tips voor een duurzame en eetbare tuin.

Tip 1: Gooi de boel open. Geen steen meer in de tuin. Er groeit natuurlijk niets in de tuin als hij helemaal bedekt is met tegels, grind of gras. Om te beginnen kunt u aan de randen van uw tuin wat tegels en gras verwijderen om ruimte te maken voor de planten die u wilt gebruiken. Zo kunt u experimenteren met een klein stuk, om het eventueel later uit te breiden.

Tip 2: Plant fruitbomen, struiken en tuinkruiden. Gebruik zoveel mogelijk eetbare vaste planten, kruiden en groenten. Het voordeel hiervan is dat ze heel laag in onderhoud zijn. In tegenstelling tot een normale moestuin. Aan vaste planten bent u dus weinig tijd kwijt. Voorbeelden van vaste planten zijn de kerspruim, bieslook, artisjokken, asperges, maggiplant (lavas) en munt. Deze laatste groeit enorm snel, voorkom dus overwoekering.
‘In de gangbare landbouw levert 10 calorieën energie input, 1 calorie aan voedsel op je bord op. Door middel van permacultuurontwerpen kan deze verhouding worden omgedraaid.’
Maranke Spoor, Permacultuur School Nederland
Image
Kinderen maken kennis met permacultuur
Tip 3: Laat de bodem van je tuin zoveel mogelijk bedekt. Maak de aarde niet onnodig kaal. Dat is voor de bodem heel slecht. U kunt hem bedekken met bijvoorbeeld kruidtijm of loopkamille. Klaver als bodembedekker werkt ook goed, dat kunt u maaien en levert veel biomassa op die als voedingstof dient voor de bodem. In tegenstelling tot wat de meeste mensen denken, is gras geen duurzame bodembedekker. Het gebruikt vrij veel water en mest.

Tip 4: Gooi groente-en tuinafval terug in de tuin om een levende vruchtbare bodem te cultiveren. Pas op voor gekookt afval, want daar komt ongedierte op af. Alles wat niet gekookt is geschikt. Hierdoor creëert u een laag mulch die een vruchtbare bodem bevordert. Op deze manier voedt u op een duurzame manier de bodem, in de industriële landbouw voeden ze direct de plant, waardoor er meer externe voedingstoffen voor nodig zijn. Lees hier meer over mulching.
Image
De bouw van een groentetoren
Tip 5: Nodig dieren uit. Hoe meer biodiversiteit in uw tuin, hoe beter. Vogels lokt u een bessenstruikje. Vlinders en bijen met een vlinderstruik. Zelfs een mol in een grote tuin is nuttig, u hoeft dan niet te ploegen, de mol houdt de bodem luchtig. Met een door planten bedekte bodem nodigt u wormen uit, zij bemesten de aarde en zorgen voor een losse bodem. Als u kruiden en groentes laat bloeien, krijgt u veel insecten in uw tuin. Heeft u last van luis in de planten? Nodig de jagende insectensoorten, onze lieve-heersbeestjes, uit door een weelderige tuin. Maak de tuin NIET winterklaar, hiermee sloopt u de overwinteringplaatsen van de nuttige insecten. Als u dat al doet, dan pas in april, als de insecten al weer rondkruipen. Kortom: maak uw tuin minder netjes.
'Het netheidssyndroom is ongezond’
Maranke Spoor, Permacultuur School Nederland
Image
Aan het werk met maquettes in de tuin
Tip 6: Doe plantenkennis op. Carl Linnaeus (1707-1778), de bedenker van de botanische naamgeving, zei: ‘Als je van iets niet meer weet hoe het heet, dan verlies je je kennis erover’. Leer over de verschillende planten in uw omgeving. Over hun namen, wat ze nodig hebben om te gedijen en welke relaties ze met andere planten hebben. Sommige organismen groeien beter door middel van bepaalde samenwerkingsverbanden. Een voorbeeld is de relatie tussen schimmels en planten.

In de bodem leven veel schimmels, die vergroeien met de wortels van planten. Die communiceren met elkaar. Het wordt ook wel het 'Wood Wide Web' genoemd. Een schimmel heeft geen groen blad en is dus niet in staat tot fotosynthese. Maar hij bevordert de plantengroei door vocht uit de diepte te halen en voedingsstoffen te verplaatsen naar de wortels. Zo wisselen planten en schimmels voedingsstoffen uit.
‘Permacultuur zoekt naar win-win-situaties in haar ontwerpen.’
Maranke Spoor, Permacultuur School Nederland
Image

Tip 7: Diversiteit is de kern. Als u duurzaamheid wil, dan is biodiversiteit hét sleutelwoord. Biodiversiteit geeft veerkracht. Gezonde ecosystemen kunnen een klap hebben. Als er bijvoorbeeld een ziekte is die één gewas of plant aanvalt, is niet alles weg en bent u klaar met spitten. Maar met diversiteit heb je altijd een oogst en/of inkomen. Economische systemen sturen nu op aan grote monoculturen door schaalvergroting en bepaalde subsidies. Als de landbouwsubsidies zou worden afgeschaft zouden we beter af zijn als mensheid. Landbouwsubsidies zijn perverse prikkels die leiden tot grote monoculturen, tot boterbergen en melkplassen. Maar ik zie gelukkig al verandering komen in het huidige systeem.
'De beste manier om de natuur te beschermen is door haar met rust te laten!'
Midas Dekkers
Bron: Tegenlicht.vpro.nl via Star-People.nl

woensdag 25 april 2012

Bezoekje aan de zee maakt ons echt gelukkig

 

We worden echt gelukkig van wat uit te waaien aan de kust, dat bevestigden psychologen.

Een studie aan de universiteit van Exeter en Plymouth ondervroeg 2750 mensen van 8 tot 80 jaar. Daaruit blijkt dat mensen van alle leeftijden die onlangs een bezoekje aan de kust, het platteland of een park in de stad brachten, zich beter voelden. Maar een tripje naar de zee leidde tot de meeste positieve gevoelens, deze mensen waren het meest herbronnen en het kalmst.

Professor Mathew White: "Onze hersenen zijn instinctief geprogrammeerd om zich goed te voelen aan de kust. Ook wordt de zee gepromoot als iets goed. Een bezoekje aan de kust kan zo helpen ziektes te bestrijden." (Door: Ellen Provoost)

Bron: Goedgevoel.be

Onderdompeling in natuur stimuleert creativiteit



De creativiteit van de mens wordt al na enkele dagen in de natuur met 50 procent opgedreven. Dat is de conclusie van een onderzoek van wetenschappers aan de University of Kansas. De onderzoekers merken op dat de fascinatie van de mens voor de natuur, die voor een verademing zorgt na de kakofonie van het moderne leven, tot een opmerkelijke cognitieve verbetering leidt en de menselijke geest lijkt te verfrissen. Een verblijf in de natuur leidt volgens hen tot een grotere creativiteit en inzicht, maar ook tot een grotere vaardigheid in het oplossen van problemen.

"De moderne mens wordt overspoeld met informatie van sociale media, elektronica en mobiele telefoons," merkt onderzoeksleider Ruth Ann Atchley, professor psychologie aan de University of Kansas, op. "Voortdurend moet de aandacht tussen verschillende informatiebronnen worden verschoven. Dat eist zoveel aandacht en concentratie op dat er geen mogelijkheden meer overblijven om zich helemaal te ontspannen en zijn creativiteit uit te leven." Een verlengd weekend volledige onderdompeling in de natuur brengt volgens de onderzoekster het menselijk brein weer in optimale conditie.

"De natuur kan het menselijk brein stimuleren zonder de vaak bedreigende afleidingen van de dagelijkse arbeidsdag van de eenentwintigste eeuw," voert professor Atchley nog aan. "De natuur is een plaats waar het brein tot rust kan komen en kan relaxen, zonder dat er moet gereageerd worden op allerlei koortsachtige signalen. Daardoor kan er ruimte ontstaan om creatief te zijn, de verbeelding te laten spreken en problemen op te lossen. De natuur biedt de mens de mogelijkheid om zich beter en gelukkiger te voelen en op een productievere manier met anderen om te gaan." (MH)

Bron: Express.be

donderdag 19 april 2012

Bomen knuffelen verbeterd je gezondheid


Boom knuffelen, dat vaak verguisde hippie idee, is goed voor je, dat heeft de wetenschap ontdekt. In tegenstelling tot wat veel mensen denken, wordt je door het aanraken van een boom veel gezonder. In feite hoef je niet eens een boom aan te raken om beter te worden, als je al in de buurt bent van een boom heeft het hetzelfde effect.

In het boek, verblind door de wetenschap van Matthew Silverstone, wordt wetenschappelijk bewezen dat bomen veel gezondheidsproblemen verbeteren, zoals: psychische aandoeningen, ADHD, concentratie niveaus, reactie tijden, depressie en de mogelijkheid om hoofdpijn te verlichten.

Talloze studies hebben aangetoond dat kinderen belangrijke psychologische en fysiologische effecten laten zien, in termen van hun gezondheid en welzijn wanneer zij omgaan met planten. Ze tonen aan dat kinderen zowel cognitief als emotioneel beter functioneren in een groene omgeving en dat ze creatiever spelen in groene gebieden.

Een grote volksgezondheid rapport dat de relatie tussen groene ruimten en geestelijke gezondheid onderzocht concludeerde dat "toegang tot de natuur, aanzienlijk kan bijdragen aan onze mentale kapitaal en welzijn."

Dus waarom heeft de natuur zo'n grote invloed op ons? Tot nu toe werd gedacht dat groene open ruimtes die effect veroorzaakten. Echter, laat Matthew Silverstone zien dat het niets met dit te doen heeft, door wetenschappelijk te bewijzen dat de vibrationele eigenschappen van bomen en planten juist ons voordelen geven in onze gezondheid en niet de open groene ruimten.

Dit vibrationele idee wordt ondersteund in het boek door honderden wetenschappelijke studies, om een overweldigend bewijs te geven dat boom knuffelen achteraf toch niet zo'n gek idee is. Niet alleen is het goed voor onze gezondheid, maar het kan de overheid ook een hoop geld schelen door een alternatieve vorm van behandeling aan te bieden die vrij is.

Een rapport concludeerde het volgende: "Veilige, groene ruimten zouden even effectief zijn als geneesmiddelen op recept bij de behandeling van sommige vormen van psychische aandoeningen.
Zou het niet leuk zijn om vanaf nu te horen, dat artsen bij de behandeling van sommige vormen van ziekten een wandeling in het park voorschrijven in plaats van het nemen van een pakket vol met pillen.

Vertaling: Suzanne EarthWatcher

Bron: Natural News & Earthwatcher.nl

zaterdag 18 februari 2012

Het hart als zintuig

Afbeelding

Het hart . . . . . is het orgaan van de spirituele mens in het fysieke lichaam, door middel van een straal vanuit de spirituele monade naar het fysieke voertuig van de mens. Er kunnen daarom verschillende namen aan worden gegeven: het orgaan van het reïncarnerende ego; het orgaan van de persoonlijke mens. Maar het kan ook het orgaan van het leven worden genoemd, want het is het levenscentrum van het fysieke lichaam. Vanuit het hart stromen de stralen die het denken verlichten omhoog naar de hersenen . . . . . G. de Purucker


Het hart als zintuig, door Stephen Harrod Buhner is een bijzonder boek en fungeert als een brug tussen de mentale wetenschap en de subtiliteiten van het hart. De twee delen waaruit het bestaat, Systole en Diastole, lijken op het eerste gezicht weinig met elkaar gemeen te hebben. Maar de schrijver is erin geslaagd door middel van wetenschappelijke informatie, diepgevoelde ervaringen met planten, en citaten uit proza en poëzie een geheel te scheppen dat een gezonde verbinding legt tussen wetenschap en new-age-sentimenten, tussen historische en moderne perceptie van de natuur, tussen proza en poëzie, tussen persoonlijke mentale en emotionele ervaring en geneeskunst die is gebaseerd op altruïsme en universele ethiek. De verbindingsdraad is die van een mysticus die een verscheidenheid aan voorbeelden kiest om universele waarheden te onthullen.

Na een korte inleiding over zichzelf opent Buhner een felle aanval op het lineaire ‘euclidische’ denken. Hij laat zien dat rechte lijnen en keurige wiskundige systemen in de natuur niet voorkomen, en dat fractalen en Mandelbrotstructuren de waarheid veel dichter benaderen. Hij huldigt met kracht de opvatting dat de abstracties die op scholen constant als werkelijkheden worden gepresenteerd een groot obstakel zijn voor het verkrijgen van kennis rechtstreeks uit de natuur.

Het is tegelijkertijd duidelijk dat regelmatige proporties en hun harmonie inherent zijn aan de natuur. Dit wordt beklemtoond door een aantal van de grootste zielen van de mensheid, onder anderen Pythagoras en Plato; en men vindt deze ideeën eveneens in de geschriften van Hindoes, Jains, Babyloniërs en Egyptenaren. In de geschriften van de Maya’s was de eerste daad van de Bouwers van het universum om met touwen het vierkant uit te meten; het vierkant dat zo’n belangrijke plaats inneemt in kosmologieën over de hele wereld. Ook al lijkt niets in de natuur volledig te beantwoorden aan de idealen van geometrie en wiskunde, de natuur schijnt deze idealen wel te weerspiegelen, bijvoorbeeld in kristallen en in de regelmatigheid en perfectie in het planten- en dierenrijk. Het lijkt me dat wiskunde de noumenale of hogere mentale wereld van de goden probeert te beschrijven, en dat het leven op altijd speelse en harmonieuze wijze ronddartelt binnen de mogelijkheden van deze noumena – en dat zijn de allesdoordringende natuurwetten. Een lineair denkende geest is echter slechts een zwakke en gekristalliseerde afspiegeling van de spiritueel-intuïtieve geest, en als men zich uitsluitend vastklampt aan deze afspiegeling is dat inderdaad een groot obstakel voor het begrijpen van het leven.

De wetenschappelijke delen van het boek bespreken de fysiologie van het hart, de hersenen en van individuele cellen – in het bijzonder in relatie tot de voortdurende productie en uitwisseling van informatie via elektrische en magnetische velden – evenals de zeer verfijnde en intelligente processen in de fysieke en energetische natuur. Communicatie met het lichaam vindt onophoudelijk plaats, binnen en tussen organen, cellen en individuele organismen, allemaal op een manier waarbij het hersenverstand, behalve als interpretator en waarnemer op afstand, niet direct betrokken is. Buhner verwerpt het intellectuele denken zeker niet, maar hij onderkent de juiste status van het bewustzijn van het hart, de hersenen en zelfs van de darmen en andere organen binnen een bewust geheel.

Buhner beschouwt levende systemen als producten van zelforganisatie van kleinere eenheden, die het resultaat zijn van ononderbroken – zowel interne als externe – communicatie. Omdat iedere eenheid, hoe klein ook, zijn eigen specifieke magnetische veld heeft, communiceert zij met alles om haar heen, en herkent de velden van andere eenheden en stemt zich daar subtiel op af. Met betrekking tot cellen citeert de schrijver onder andere Jan Walleczek:

Biologische cellen kunnen worden beschouwd als hoogontwikkelde informatieverwerkende instrumenten die complexe patronen van prikkels die van buitenaf komen van elkaar kunnen onderscheiden. In overeenstemming met dit gezichtspunt is de vondst dat biologische reactienetwerken net als elektrische circuits rekenfuncties kunnen vervullen zoals schakelen, versterken, hysteresis, het uitfilteren van frequentiebanden of de extractie van informatie over trillingsfrequenties.

De schrijver merkt op dat ‘Cellen uiterst subtiele verschillen in elektrische velden kunnen waarnemen’, en vervolgt: ‘Het plasmamembraan is van alle cellen het primaire zintuigorgaan. Het bezit duizenden over de oppervlakte verspreide receptoren die zijn ontworpen om storingen van onder andere chemische, elektrische, hormonale en mechanische aard te ontdekken.’

Buhner is van mening dat, naarmate kleinere eenheden zich organiseren, een nieuwe identiteit tot aanzijn komt als een groter systeem dat nieuwe gedragingen vertoont. Hierover ben ik het met hem maar ten dele eens, want ik denk dat zelforganisatie van kleinere eenheden niet tot levende organismen zou leiden, maar alleen tot een samenwerkende gemeenschap zoals een termietenheuvel of een bijenkorf die ieder op zich unieke gedragingen vertonen die het resultaat zijn van de samenwerking van de betrokken individuen. Maar een levend wezen heeft zijn eigen ziel van een hogere orde die leiding geeft aan de processen van afstemming en samenwerking van zijn onderdelen. Terwijl ieder aspect en iedere eigenschap van het universum actief en latent aanwezig is in zelfs de kleinste onderdelen ervan, hebben ze allemaal een ‘meedogende hand’ nodig die wordt uitgestrekt vanuit het bewuste Zijn in de vorm van de grotere vitaal-elektromagnetische velden afkomstig van wat relatief gezien goden of kosmische bewuste wezens zijn. Deze goden tappen voortdurend uit een nog hogere bron van intellectuele energie en transformeren de goddelijke energieën naar het niveau waar ze kunnen worden aangewend.

Afzonderlijke hoofdstukken behandelen het fysieke, het emotionele, en het spirituele hart. Het fysieke hart is veel meer dan alleen een pomp; het is in feite het orgaan dat de ritmen bepaalt van ons organisme en informatie overdraagt aan het bloed. Het hart bestaat voor 60 tot 65% uit zenuwcellen – dus het bevat meer zenuw- dan spiercellen. Naast zijn functie als een verfijnde en intelligente pomp is het hart vooral een verwerker van bewustzijn en informatie. Het ritme van een gezond hart is nooit regelmatig: iedere hartslag is uniek. Zo zijn ook de magnetische en elektrische velden die ieder hart om zich heen bouwt uniek. Maar deze velden zijn ook buiten het lichaam meetbaar en dragen zo voortdurend informatie over van het hart aan de omringende wereld en van de wereld aan het hart. We kunnen leren bewust naar deze informatieuitwisseling te luisteren door de subtiliteiten van onze onophoudelijk veranderende gevoelens waar te nemen.

Dit vormt een brug naar het tweede gedeelte van het boek, dat gaat over communicatie met planten. Iedere plant heeft een bewustzijn, net als ieder ander levend wezen, en hij heeft kennis die hij met anderen wil delen. Iedere plant heeft zijn eigen karakter, niet alleen wat betreft zijn uiterlijk, maar in het bijzonder in zijn eigen specifieke magnetische en elektrische krachten waarvan de aanwezigheid kan worden waargenomen door de energetische velden van het menselijke hart. Op deze manier is het mogelijk de plant op een dieper niveau werkelijk te kennen en te begrijpen, en de uitwisseling van informatie is wederzijds. Dit is de manier waarop mensen en volkeren die dichtbij de natuur leefden de medicinale en andere werkingen van planten hebben ontdekt – dus niet proefondervindelijk met vallen en opstaan zoals ons doorgaans wordt voorgehouden. Door oefening kunnen we dit type communicatie leren herkennen – en aan het eind van het boek geeft Buhner ‘oefeningen voor het verfijnen van het hart als orgaan van waarneming’. Deze leermethode via het waarnemingsvermogen van het hart kan ook op cultureel niveau worden toegepast, en de schrijver is van mening dat deze methode betrouwbaarder en exacter is dan de gebruikelijke wetenschappelijke benadering die alleen gebruikmaakt van het zenuwstelsel en de hersenen.

Deze methode is echter niet gemakkelijk. Buhner zegt dat als we een bepaalde plant ontmoeten, misschien tijdens een wandeling door de natuur, en we onmiddellijk een speciale aantrekking tot hem voelen, dat misschien komt doordat die plant iets aan ons wil overbrengen – bijvoorbeeld iets over onze innerlijke ontwikkeling, zijn mogelijke gebruik als medicijn, of zijn bijdrage aan het ecosysteem. Al deze informatie wordt direct door het hart waargenomen en opgeslagen in ons onderbewuste geheugen. Daarna kunnen er jaren van ‘zitten’ bij de plant voor nodig zijn om het punt te bereiken – dat hij, in navolging van Goethe, het ‘betekenisvolle moment’ noemt – wanneer de plant zich volledig aan ons openbaart. Daarvoor is het noodzakelijk een volkomen respect en liefde voor de plant als leraar te ontwikkelen. Het is voor een mens misschien niet gemakkelijk om zijn hoofd te buigen voor een plant, maar, zegt Buhner, planten zijn als fysieke soort veel ouder dan wij mensen en dragen ervaringen in zich uit archaïsche geologische tijdperken.

Theosofie leert dat de planten van tegenwoordig vervolmaakte overblijfselen zijn van een veel actiever plantenrijk in het verleden toen de nadruk van de evolutie op aarde bij hen lag. Iedere plantenziel bereikte het hoogtepunt van haar evolutie op deze fysieke aarde lang voordat mensen actief werden. Planten hebben sinds die tijd geen essentiële veranderingen ondergaan – hoewel ze zich uiterlijk steeds aanpassen aan veranderende milieuomstandigheden – en hun individuele bewustzijn bevindt zich relatief in een sluimertoestand. Ze wachten op een nieuwe vitale impuls om hun evolutie te kunnen voortzetten op een nog hoger niveau. Daarom hebben planten hun evolutionaire doel voor de huidige cyclus van de natuur reeds bereikt, terwijl wij mensen nog druk bezig zijn met onze evolutie, en die betreft vooral een verdere ontwikkeling van de bewuste geest.

Planten kunnen ons hun ervaringskennis en -wijsheid dus in relatieve volmaaktheid onderwijzen. Rotsen, planten en dieren zijn ouder dan mensen voorzover het onze huidige fysieke vorm betreft. Maar in talloze vroegere tijdperken bewoonde ons essentiële zelf vele vormen, waaronder die van het mineralenrijk, planten en dieren. Dus dragen wij ook hun algemene ervaring in ons mee. Bovendien hebben we als mensen ervaringen verzameld van een type waar andere natuurrijken nog geen toegang toe hebben gehad. Wanneer we onszelf voor bepaalde doeleinden op hun innerlijke wezen afstemmen, dan roepen we in feite de vastgelegde aspecten van onze eigen onderbewuste archaïsche ervaringen opnieuw wakker.

Natuurlijk komt deze manier van verkrijgen van kennis niet alleen tussen mens en plant voor; ze bestaat ook tussen mensen onderling. Buhner is zelf een natuurgenezer die geleerd heeft met planten te communiceren – niet alleen direct, maar ook via zijn geheugen, waarin alle impressies die het hart bereiken worden geregistreerd – en ook met cellen en organen van zieke mensen. Een natuurgenezer die het vermogen heeft ontwikkeld om de subtiliteiten van zijn eigen hart en denken waar te nemen kan een diepe empathie voelen met een patiënt en zijn of haar probleem, waaronder de psychische en ethische aspecten daarvan. Hij kan dan direct waarnemen welke natuurlijke remedie zou kunnen helpen in plaats van af te moeten gaan op ondervinding of informatie uit boeken – waarvan zelfs de meeste naturopaten afhankelijk zijn.

Het laatste gedeelte van het boek gaat over ethiek. Goede intenties en gevoelens alleen zijn niet voldoende om een medemens te helpen. Omdat de ‘Natuur zowel de voortbrengster van de mens als zijn grootste leraar is’, dient men zich stevig te verankeren in de waarheid van de natuur, niet in de leugen van wat alleen maar haar beschrijving is. ‘Omdat de Natuur niet liegt’ verklaart Buhner dat:

“Hoe meer we liegen, dat wil zeggen afwijken van de waarheid die in de Natuur te vinden is, hoe minder we in staat zullen zijn de diepe dimensies van de Natuur waar te nemen. Het verborgen gezicht van de Natuur is dus een uitdrukking van haar morele dimensie, en die is even werkelijk als haar fysieke dimensie. We hebben deel aan het morele, niet omdat we mensen zijn, maar omdat we tot de Natuur behoren.

Bron: Wereldgeheimen.nl

dinsdag 10 januari 2012

5 Praktische manieren om je bewustzijn dit jaar te verhogen

Om een einde te maken aan alle tirannie, oorlogen, deceptie en schade aan onze leefomgeving is het van groot belang ons bewustzijn te verruimen, te verhogen.

Dit bereik je niet zomaar door kaarsen te branden, mantra’s te zingen of je leven lang transcendente meditatie te beoefenen. We hebben een praktische manier nodig om ons bewustzijn nu, in 2012, in onze huiskamer te verruimen.

Het verruimen van je bewustzijn betekent dat je je meer beseft wat er in je realiteit gebeurt, je verbinding met andere mensen en leefomgevingen versterkt, je het gevoel van vrije wil en vrijheid terugkrijgt en je weer je eigen bestemming bepaalt door middel van specifieke beslissingen en acties. Het gaat niet alleen om het zelfbewustzijn, maar ook hoe je acties de wereld om je heen beïnvloeden.

Kom meer in contact met de natuur

Wil je bewuster leven? Zet je tv of Xbox uit en ga het bos in. Werk in de tuin. Of ga gewoon met je hond wandelen.

Door tijd in de natuur door te brengen worden je zintuigen scherper, opent je hart zich en kom je meer in verbinding te staan met wie je bent en het wonder van creatie.

Eet meer voedsel met hoge triling en supervoedsel

Je verruimt je bewustzijn niet wanneer je brein teert op junkfood, chemische conserveermiddelen en kunstmatige kleuren. Daardoor worden zowel het bewustzijn als de cognitieve functie vernietigd.

Het voedsel met de hoogste trilling vindt je in het bos of in een veld. Het voedsel dat je zelf verbouwt in bijvoorbeeld een moestuin heeft ook een hoge trilling.

Mensen die op voedsel leven met een lage trilling zoals junkfood, fastfood en verwerkt voedsel zijn vaak kortzichtig, egoïstisch en niet in staat informatie in een breder perspectief te plaatsen, zo blijkt uit onderzoek.

Ze leven veelal op magnetronmaaltijden, drinken caffeïnevrije frisdrank en stemmen op de politieke partijen die in de media de meeste aandacht krijgen.

Ruim je rommel op om helder te kunnen denken

Is het een rommeltje in je huis? Heb je zoveel op elkaar gestapeld dat je je een weg moet banen door je slaapkamer of je keuken?

Hoe meer rommel je in je huis of kantoor hebt, hoe voller je hoofd vaak zit met allerlei zaken. Het opruimen van die rommel is de sleutel naar rust in je eigen huis.

Kijk naar je beslissingen alsof je je eigen levenscoach bent

In plaats van het nemen van beslissingen vanuit de ik-vorm - ik wil een koekje, ik voel me blij, ik ben boos, ik heb een baan nodig - kun je uitzoomen om als je eigen levenscoach een soort helikopterview te krijgen.

Zie je acties en beslissingen alsof jij je eigen adviseur bent. Als een bepaalde uitkomst voor jou wenselijk is in je leven, vraag dan je innerlijke adviseur hoe dat het beste kan worden bewerkstelligd.

Het raadplegen van je innerlijke adviseur is op zichzelf een stap voorwaarts in bewustzijn. Je eigen acties vanuit een breder perspectief kunnen bekijken is de poort naar empathie, zodat je de wereld door de ogen en het hart van andere levende wezens kunt bekijken. Empathie is op haar beurt de poort naar eeuwigdurende vrede.

Oorlog kan alleen worden gevoerd vanuit het ik-perspectief dat bewustzijn en verbondenheid tussen alle levende wezens mist. ‘Ik schiet jou neer’ is de mantra van de moderne oorlogvoering, maar die uitspraak is onlogisch vanuit een breder perspectief omdat ‘jou’ en ‘ik’ op een manier zijn verbonden die voorbij gaat aan onze materiële lichamen.

Leg je toe op spirituele groei

Als je je toelegt op spirituele ontwaking verruim je automatisch je bewustzijn. Laat niemand je vertellen dat je naar een kerk moet gaan om spiritueel te zijn. Als de Bron overal is, is hij ook in je woonkamer, in jezelf.

Sommigen bereiken spirituele groei enkel door middel van meditatie of stilte. Het doel van dergelijke oefeningen is om je aandacht naar binnen te richten, om je innerlijk beter te leren kennen als stap naar de verbinding met je hogere zelf.

Onthoud dat we meer zijn dan materiële wezens. En er is veel meer dan de materie waar we in verstrengeld zitten.

Bron: Niburu.nl & Naturalnews.com